Vijf misverstanden over GPS
Omdat uit reacties op iPhoneclub blijkt dat niet iedereen weet hoe het precies zit met GPS hebben we een lijstje gemaakt van de vijf grootste misverstanden. In de iPhone 3GS en de iPhone 3G is een GPS-chip aanwezig. Welke chip dat is, houdt Apple angstvallig geheim, maar vermoedelijk is het een chip van Broadcom.
Misverstand 1: GPS kost geld en dataverkeer
Het kopen van de kaarten en de benodigde software om te navigeren kost geld, maar het gebruik van het GPS-systeem zelf kost geen geld (ook niet in het buitenland). Ook A-GPS (Assisted GPS), dat vaak met grondstations werkt om de locatiebepaling te verfijnen en te versnellen, kost je geen cent. Op de iPhone zorgt de locatiebepaling aan de hand van driehoeksmeting (GSM-masten en Wi-Fi-hotspots) ervoor dat snel een ruwe schatting van je locatie kan worden gemaakt, waarna de GPS-satellieten de nauwkeurige locatiebepaling doen. Hiervoor heb je wel een dataverbinding nodig. Heb je echter de dataverbinding in het buitenland uitgeschakeld, dan kun je nog steeds navigeren. De ondersteuning van A-GPS mis je, waardoor het iets langer kan duren voordat je een fix hebt.
Misverstand 2: Voor een goede GPS-ontvangst moet je in de stad zijn
Juist niet: in de stad ben je meestal omringd door hoge gebouwen. De beste ontvangst heb je buiten de bebouwde kom, op een plek waar vrij zicht op de hemel is. Kun je geen goede fix krijgen (een fix betekent dat de GPS-signalen sterk genoeg zijn om je locatie nauwkeurig te bepalen), zoek dan een open plek op, bijvoorbeeld een groot plein. De GPS-ontvangst kan ook tegenvallen als je in het bos bent (dicht bladerdak), in een ravijn of omringd wordt door gebergte. Er is dan minder zicht op de satellieten zodat je minder snel het signaal van 3 satellieten binnenkrijgt (de minimale vereiste om je locatie te kunnen bepalen).
Misverstand 3: Door GPS weet straks iedereen waar ik ben. Privacygevaar!
Dat is niet waar: het GPS-systeem levert eenrichtingsverkeer. Je ontvangt wel signalen van de GPS-satellieten, maar je kunt geen informatie terugsturen. Wat echter wel mogelijk is, is dat de applicaties die je gebruikt locatie-informatie doorsturen naar een server. Dit is bijvoorbeeld het geval bij Google Latitude-achtige diensten, waarbij je jezelf en vrienden op de kaart kunt zien. Ook de Find My iPhone-functie van MobileMe maakt gebruik van de locatie die via de GPS-satellieten is opgevraagd. Maar de GPS-satellieten zelf verzamelen zelf geen informatie. Als de geheime diensten jouw locatie willen opsporen, zullen ze daar eerder de cellocatie van je mobiele telefoonsignaal voor gebruiken.
Misverstand 4: Als ik de wildernis in rijd heb ik geen GPS-signaal meer
Onzin, het GPS-signaal is overal ter wereld beschikbaar. Waar je echter wel rekening mee moet houden, is dat je in de wildernis geen GSM-signaal meer hebt en dus ook geen mobiel internet. Je hebt dan niets aan Google Maps. Gebruik daarom navigatiesoftware met offline kaartmateriaal. Of gebruik de kompasfunctie van de iPhone 3GS, die werkt op plekken waar geen mobiel internet beschikbaar is.
Misverstand 5: Als het regent of als heel veel mensen in mijn omgeving een navigatiesysteem gebruiken, werkt mijn GPS minder goed
Ook dit is niet waar; je iPhone pikt de GPS-signalen net zo goed op wanneer het regent, stormt of mistig is. Verder is het systeem niet afhankelijk van het aantal gebruikers. Vergelijk het met signalen voor de FM-radio: de ontvangst wordt ook niet minder als iedereen in Nederland opeens naar de radio gaat luisteren.
De man op de foto hierboven werkt aan een toekomstige GPS-satelliet.
En na alle misverstanden toch ook nog een feit:
Feit: De Amerikanen kunnen het GPS-systeem zomaar uitschakelen
Dat klopt. In het verleden is dit ook wel eens gedaan, of is het signaal tijdelijk minder nauwkeurig gemaakt voor burgers. Het GPS-systeem is ontwikkeld door het Amerikaanse Ministerie van Defensie. Het verslechteren van het signaal gebeurt in tijden van oorlog, zodat Amerikaanse vijanden niet meer goed kunnen navigeren. Zelf hebben de Amerikaanse militairen op zo’n moment geen last van een slechter signaal. Dat komt omdat elke GPS-satelliet signalen uitzendt op twee frequenties: L1 en L2. Het L1-signaal bestaat uit twee boodschappen: de C/A-code en de P-code. De C/A-code (Course Acquisition) is het signaal dat je als gewone consument kunt ontvangen. Militairen hebben een ontvanger waarmee ze ook de P-code kunnen ontvangen (P staat voor Precision). Op de frequentie L2 wordt ook de P-code verzonden. Militairen hebben daardoor altijd een alternatief achter de hand, wanneer één van beide signalen (L1 of L2) uitvalt.
Vandaar dat veel landen en regio’s zelf alternatieven voor het GPS-systeem hebben ontwikkeld of er nog mee bezig zijn. Voorbeelden zijn Rusland (GLONASS), Europa (Galileo), China en India. GPS-ontvangers zijn niet automatisch geschikt om signalen van deze alternatieve systemen te ontvangen.
- 18:45
- 17:57
- 17:50
- 16:56
- 15:48
- 25.970
- 24.408
- 13.331
- 12.836
- 12.793