Draadloos netwerk opzetten tussen Mac en iPhone
Bij veel applicaties die gegevens tussen de desktop en de iPhone uitwisselen moeten beide apparaten op hetzelfde draadloze netwerk zitten. Je moet dus een draadloos netwerk in huis hebben, anders gaat het niet werken. Maar wat als je géén draadloos netwerk hebt? Kun je dan nog steeds draadloos bestanden uitwisselen tussen je iPhone en Mac? Jazeker. Het is makkelijk te realiseren en werkt ook nog eens supersnel. In dit artikel leggen we uit hoe je een draadloos netwerk opzet tussen twee apparaten: een Mac en een iPhone. In plaats van iPhone mag je natuurlijk ook iPod touch of iPad invullen.
Een lokaal draadloos netwerk is bijvoorbeeld handig als je op afstand je muziekcollectie wilt bedienen (met de Remote-app) of draadloos een presentatie wilt geven, waarbij je door de slides bladert vanaf je iPhone. Je hebt hiervoor de Apple-app Keynote Remote nodig. Ben je op een vliegveld in het buitenland en moet je even wat informatie van je iPhone naar je Macbook (of andersom) versturen, dan ben je al snel geneigd om een abonnement te nemen op het dure Wi-Fi-netwerk van de luchthaven. Maar dat hoeft niet. Draadloos synchroniseren en uitwisselen kan ook lokaal, via een ad-hoc netwerkje dat je zelf creëert.
- Klik op het AirPort-icoontje in de menubalk, rechtsboven in je beeldscherm.
- Kies de optie: ‘Maak netwerk aan’.
- Geef een naam aan je netwerk, zodat je het straks makkelijk kunt herkennen.
- Geef aan of je een wachtwoord wilt instellen. In drukke gebieden waar veel andere mensen zijn, is het verstandig om een wachtwoord in te stellen, om te voorkomen dat anderen op jouw netwerk gaan ‘meeliften’. Kies bijvoorbeeld 40-bit WEP.
- Klik op OK en het netwerk wordt gemaakt.
Pak nu je iPhone of iPod touch en ga naar Instellingen, Wi-Fi. Als het goed is zie je het zojuist gemaakte netwerk. Tik erop om verbinding te maken. Het geeft niet als je nu nog steeds het 3G-logo van je operator bovenin het scherm te zien krijgt. Als het goed is, is er wel een verbinding gemaakt. Je kunt dit testen door een app te openen, bijvoorbeeld de eerder genoemde Remote-app om muziek uit je iTunes-bibliotheek te bedienen.
Je kunt de app gebruiken, alsof beide apparaten op hetzelfde netwerk waren aangemeld. Je kunt zeker een meter of tien, twintig van je MacBook of iMac verwijderd zijn, om de draadloze functies te kunnen gebruiken.
Er is nog iets anders mogelijk: als je geen internet op je iPhone hebt, bijvoorbeeld omdat je in het buitenland bent en geen zin hebt om te gaan roamen, kun je toch internetten via de verbinding van je MacBook. Dit is bijvoorbeeld handig op een hotelkamer. Sluit de MacBook aan op ethernet en deel vervolgens het netwerk met andere computers in de ruimte, via de AirPort-functie. In de Systeemvoorkeuren op je MacBook ga je naar Delen > Internetdeling. Als je nu aangeeft dat je de verbinding van Ethernet wil delen met andere computers, kun je ook met je iPhone, iPad en andere apparaten gewoon internetten. Je moet nog even een vakje aanvinken en bevestigen dat je inderdaad de verbinding wilt delen. Als jij en je partner allebei een computer en meerdere iPhones of iPads mee hebben op vakantie, kun je op deze manier met slechts één internetaansluiting in je hotelkamer op alle apparaten internetten.
- 13:08
- 12:00
- 11:06
- 10:06
- 09:29
- 43.787
- 10.624
- 10.238
- 9.152
- 9.081

